Op 31 maart vindt de finale van de StuMPA plaats. Studenten zullen er een ervaren jury proberen te overtuigen van hun frisse kijk op het medium magazines. Carl Andry, docent bij ESA le 75 en een van de juryleden, vraagt zich af welke waarde deze wedstrijd jongeren biedt.
Al jaren herhaalt iedereen halsstarrig dat alles veranderd is. De samenleving, het vak, de media, het consumptiegedrag, de jongeren en de niet meer zo jongeren, de ouderen, … de magazines.
In de afterworld zoals we die nu kennen, zijn nieuws en informatie ook elders te vinden. Ze worden niet meer op dezelfde manier geconsumeerd. Of liever, op verschillende manieren.
Maar is dat in feite wel zo nieuw? Is het niet zo dat alles, media inbegrepen, altijd al constant veranderde?
Als we echt nieuwe of andere paradigma’s willen zoeken, zijn die misschien te vinden aan de kant van de virtualiteit die de 24u van onze etmalen geleidelijk heeft ingepalmd. Hoofdzakelijk via alle mogelijke schermen. Heel wat van onze bezigheden zijn nu ontastbaar, abstract, offline, offlive.
Een magazine daarentegen is van papier, van inkt. Het is tactiel, voel- en ruikbaar, een bron van meervoudige zintuiglijke ervaringen die ons bij de realiteit houdt en tegelijk onze verbeelding prikkelt. Een magazine is concreet. En tegelijk is het eindeloos cerebraal en affectief. Het is een heel bijzonder medium.
Tegelijk is het complementair bij andere media, als onderdeel van een off- en/of online mediamix, een kanaal om complexere interactieve belevingen te creëren.
Hoe ervaren de jongeren dit medium? Hoe consumeren ze het? Consumeren ze het nog wel? Kunnen ze het vandaag nog beschouwen als een manier om zich te ontspannen, te informeren? Of zullen ze nog in staat zijn de mensen tot wie ze zich richten te overtuigen, als ze in onze plaats hun schouders zullen zetten onder adverteerdersbriefings? En vooral, waarom zouden ze het als dusdanig selecteren?
Misschien zijn wij het best geplaatst om dat te proberen uit te leggen, maar ook om te begrijpen wat ze er zouden kunnen mee doen, wat ze er zouden willen mee doen.
Deze StuMPA-wedstrijd is interessant in meerdere opzichten, want hij stelt heel wat spelers in de media, de communicatie en alles daarrond in staat om de reële troeven van dit medium te evalueren. Om een stand van zaken op te maken. Het is een soort van peilstok, enigszins onverbiddelijk, maar spontaan en oprecht, van een redactioneel product gezien door de bril van de volgende generatie.
Als leraren, reclamemensen, journalisten, adverteerders, … zijn we allemaal de wachters en de ambassadeurs van de magazinepers. En als die vandaag minder geconsumeerd wordt door de jongeren, kunnen we hen eraan herinneren, het medium samen met hen ontleden, zodat ze er efficiënter kunnen mee omgaan om te communiceren naar andere doelgroepen die meer dan zijzelf aan dit kanaal gehecht zijn.
Deze wedstrijd is ook een signaal naar de uitgevers. Magazines bestaan in verschillende formaten – print, maar ook via televisie, radio of digital. Je kunt je dus afvragen wat iets tot een magazine maakt. Los van de verspreidingswijze, is het antwoord op die vraag in feite simpel: wat je eraan en erin vindt. De kwaliteit van de inhoud. De relevantie, de nieuwigheid, de originaliteit, de uniciteit.
En als de inhoud dus niet interessant genoeg is, niet beantwoordt aan de verwachtingen van de lezers, hen niet kan boeien of ze voor idioten houdt, dan zullen die lezers afhaken. Voorzichtigheid is ook geboden bij ongepast of gierig (her)gebruik van inhoud: ook dat kan leiden tot desinteresse tegenover het medium. Als alles gratis lijkt, kan wat betalend is het zich niet veroorloven flauw of teleurstellend te zijn.
Of de magazinepers geliefd of in de steek gelaten wordt, hangt dus niet alleen af van de concurrentie en de rest van het medialandschap, van nieuwe digitale manieren om toegang te krijgen tot onze favoriete inhoud.
In een tijd waarin de mediabestedingen van adverteerders voornamelijk gericht zijn op digital, functioneert de mens (en meer nog de jonge mens) nog steeds met rituelen rond gedeelde interesses en waarden, communities, introspectieve pauzes, het verlangen om zich belangrijk te voelen in de ogen van de mensen die hij zelf belangrijk vindt. Voor dit alles zijn magazines een ongelooflijk krachtig hulpmiddel als ze goed gemaakt zijn. En dus goed gebruikt worden door communicatiespecialisten die ze (opnieuw) zullen zien als een hulpmiddel om de beoogde lezers te bekoren.
Wat er ook van zij, ook dit jaar hebben de studenten die – met of zonder onze tussenkomst – deelnamen aan de STuMPA ons veel geleerd over een medium dat ons dierbaar is en waarvan we hopen dat ook zij het graag zullen lezen en zien.
Lees ook: